Rechtvaardigheid

© Ds. A.R. Warnar van den Berg
Preek 24-10-2021
Genesis 18:16-33

De tekst die we zojuist gelezen hebben, vind ik één van de meest intrigerende teksten uit de Bijbel. De vertrouwdheid waarmee Abraham tot God spreekt, maar tegelijkertijd de eerbied die erin doorklinkt. Dat raakt me. Maar tegelijkertijd vind ik het ook een spannende tekst. Abraham neemt een spannende positie in, hij spreekt God aan op zijn oordeel en vraagt zich af of dat oordeel terecht is.
Volgens mij zit het hele evangelie in deze tekst. En ik wil u aan de hand van drie gezichtspunten daarin meenemen. Kent u het boek ‘Eindelijk Thuis’ van Henri Nouwen? Daarin pakt hij de drie gezichtspunten van de verloren zoon, van de vader, en van de broer die thuis is gebleven. En van al die drie personen vertelt Henri wat je kunt leren. Een beetje op dezelfde manier wil ik met u kijken vanuit de positie van Abraham, van Sodom en van God.

Om te beginnen: Abraham. Abraham treedt in dit verhaal op als advocaat, als pleitbezorger. Hij gaat als het ware tussen God en Sodom instaan en probeert te bemiddelen. Dat is trouwens ook de functie van een priester en van een voorganger: bemiddelen tussen God en mensen. Als vader van Israël, en met de opdracht om tot zegen te zijn voor de volken, is dit precies wat Abraham moet doen.
Aan het begin van onze tekst lezen we de overweging van God om Abraham op de hoogte te stellen van zijn voornemen om Sodom en Gomorra te verwoesten. In die overweging staat in vers 19: “hij moet zijn zonen en zijn verdere nakomelingen voorhouden de weg te volgen die Ik wijs, door rechtvaardig en goed te handelen.” Dat doet God besluiten Abraham te vertellen over wat Sodom en Gomorra boven het hoofd hangt, maar het nodigt Abraham als het ware ook uit om als pleitbezorger op te treden. Abraham wordt uitgedaagd om de rechtvaardigheid die God hem geleerd heeft te toetsen. Om vraagtekens te plaatsen bij het oordeel dat God hem net voorgehouden heeft. Om op te treden als vertegenwoordiger van het recht.
Dat is een belangrijk punt. Op deze principes is de Joodse wet gestoeld, maar ook ons eigen recht is hierop gebaseerd. Wie geen advocaat kan betalen, kan gebruik maken van een Pro-Deoadvocaat. Er is altijd iemand die jouw zaak zal bepleiten. Er kan pas recht worden gesproken als de zaak van meerdere kanten belicht is. Pas dan is er een eerlijk oordeel mogelijk.
Ook dan geldt dat we in een gebroken wereld leven. En dat soms de mazen van de wet zorgen voor vrijspraak, terwijl dat geen gerechtigheid is. Maar Genesis 18 leert ons hoe het bedoeld is. Dat rechtvaardigheid een proces is. Ook bij God is er geen oordeel zonder pleitbezorger. Want gerechtigheid is niet het gevolg van een punt in de tijd, waarop het oordeel wordt uitgesproken. Het is het gevolg van een proces, waarin verschillende kanten belicht worden, waarin verzachtende omstandigheden naar voren kunnen komen, of juist situaties waaruit blijkt dat de situatie ernstiger is dan vooraf ingeschat.
Abraham staat op voor Sodom en Gomorra. We lezen hier nergens over Lot. Abraham vraagt niet of God misschien zijn neef wil redden, hij pleit echt voor de steden zelf. Abraham doet een beroep op Gods barmhartigheid, op zijn genade. Want hoe zit het met de onschuldigen? “Misschien dat er in die stad vijftig onschuldigen zijn. Zou U die dan ook uit het leven wegrukken en niet de hele stad vergeving schenken omwille van die vijftig onschuldige inwoners?” Abraham pleit van 50, naar 45, naar 40, tot aan 10 toe. Voor Joden het absolute minimum. Stel er zijn er maar 10, zou u dan ook die 10 wegvagen? En God belooft de stad niet te verwoesten omwille van die 10.
In de Bijbel, maar ook in de Rabbijnse traditie, gebeurt een discussie als deze vaker. Mozes doet het, Jeremia, Habakuk. Het is geen gebrek aan geloofsvertrouwen, het is juist de vervulling daarvan. Ook wij worden uitgedaagd om als vertegenwoordigers van het recht op te treden. Om te pleiten voor rechtvaardigheid én voor barmhartigheid. Om oog te hebben voor de andere kant, juist daar waar maar één kant belicht wordt. En zelfs als ons pleidooi uiteindelijk het oordeel niet veranderen doet – volgende week zullen we lezen over de verwoesting van Sodom – dan nog is het niet voor niets geweest. Het pleidooi van Abraham wordt ook wel als een gebed gezien. Abraham doet voorbede voor Sodom. In wezen rekent hij niet op de rechtvaardigen die er zijn, maar bidt hij dat er toch rechtvaardigen op zullen staan.

Ja, het gezichtspunt van Sodom en Gomorra. In het verleden zijn deze steden vaak in één adem genoemd met homoseksualiteit. Dat heeft te maken met de tekst van volgende week. U kunt het thuis vast lezen: Genesis 19. Maar ook dan hebben we het over een eenzijdige belichting. Het gaat hier niet om homoseksualiteit als zonde: de hele stad is verdorven. De regels van de gastvrijheid worden totaal genegeerd, vreemdelingen zijn er niet veilig en daar komt een poging tot verkrachting en ander seksueel misbruik nog eens overheen. In Ezechiël wordt van Sodom gezegd dat de stad vol hoogmoed was, dat er geweld plaatsvond en dat de armen en de hongerigen onderdrukt werden. Er is niets goeds in Sodom te vinden.
God gaat er heen om het met eigen ogen te zien, om te controleren of zijn oordeel juist is, en om de dingen recht te zetten. Dat is bevrijdend voor de slachtoffers, maar verwoestend voor Sodom. In Sodom zijn geen vijftig, geen veertig en ook geen tien rechtvaardigen te vinden. Er is er géén één. 
Net als de positie van Abraham, in wiens voeten wij mogen gaan staan, mogen wij ook in de voeten van de inwoners van Sodom gaan staan. Ja, zo bont maken we het natuurlijk niet. Nog geen dag nadat de asielzoekers hier gekomen waren, heb ik al drie mensen gesproken die zich afvroegen of we voor hen wat konden betekenen. Wat nou, de vreemdelingen verachten zoals in Sodom? Sterker nog, de meesten van ons zijn toch van goede wil, we proberen het goede te doen!
Maar daar gaat het niet om. En door de focus te veel op onze goede wil te leggen, vlakken we onze fouten voor onszelf misschien uit, maar vlakt ook het evangelie af. In de Bijbel staan genoeg grote en goede mensen, geloofshelden. Maar nergens in de Bijbel zien we dat als God een onderzoek instelt, Hij kan constateren dat het allemaal wel meevalt. Er komt altijd kwaad tevoorschijn.
Om over mezelf te spreken. In het contact met mensen probeer ik te luisteren, open te staan voor andere visies, om respectvol en geduldig te zijn. Maar tegelijkertijd zijn mijn gedachten lang niet altijd zo mooi: het gebeurt maar al te vaak dat ik ongeduldig ben of mijn oordeel al klaar heb, voor ik het hele verhaal gehoord heb. Maar soms komt het kwaad ook van buitenaf. Ik hoorde over een situatie op zijn werk waar mensen eindeloos discussieerden over een relatief klein geldbedrag. Mensen die heel vrijgevig zijn in geld en tijd, die weleens uit eigen zak betalen wanneer het eigenlijk niet binnen het budget kan. Zo hebberig zijn ze niet. Maar nu had de macht van het geld hen in de greep en zeiden ze dingen, waar ze even later spijt van hadden.
Het kwaad ligt op heel verschillende manieren bij ons allemaal op de loer. En van tijd tot tijd heeft het ons allemaal weleens in de greep. Als het er écht op aankomt en niet alleen onze daden, maar ook onze gedachten bekeken worden, kan niemand voor het aangezicht van God staan als een rechtvaardige. Ook Abraham of David, of al die andere grote namen uit de Bijbel niet.
Dat is niet leuk om te horen. We krijgen liever complimenten en hebben oog voor de goede bedoelingen. Toch begint het evangelie pas echt te spreken, wanneer we ook in die diepte durven te kijken. Dan wordt het evangelie echt goed nieuws. En zo kom ik bij het laatste gezichtspunt van vanmorgen: het gezichtspunt van God.

Want God wil niet de ondergang van de mens. Hij wil niet de zondvloed, Hij wil niet de spraakverwarring van Babel. En zo wil Hij ook niet de verwoesting van Sodom en Gomorra. Hij wil het leven. Hij wil dat mensen leven. Leven in rechtvaardigheid.
Volgens de theoloog Gerrit de Kruijff vragen veel mensen zich af hoe Abraham zich na het gesprek met God gevoeld zou hebben. Zou hij opgelucht zijn, omdat God hem liet spreken? Zou hij tevreden zijn met zijn pleidooi? Zou hij zich verloren voelen, omdat zelfs die tien rechtvaardigen niet te vinden zijn? Maar De Kruijff vraagt zich af: hoe zal God zich gevoeld hebben? Hoe blijft Hij achter na dit gesprek met Abraham?
Het oordeel komt. Dat moet ook, want anders is er ook geen recht voor de onderdrukte. Geen recht voor wie verkracht is, voor de vreemdeling, die veracht wordt. Of voor de arme en hongerige, die geen kans van leven hebben. Maar God is niet blij met het oordeel. Zijn hart breekt als Hij ziet wat een bende we er soms van maken met zijn allen. Hij is ook niet onredelijk of veeleisend. Hij wil Sodom redden: als er geen vijftig rechtvaardigen zijn, doet hij het voor tien. En Hij zoekt naar tien rechtvaardigen, maar als die er niet zijn, neemt Hij genoegen met één. En als Hij ook die ene niet kan vinden, dan schenkt Hij zelf die ene rechtvaardige: Jezus Christus. Want uiteindelijk wil God niet de ondergang van de mensheid, Hij wil dat we leven. Voluit leven. En dat is pure genade.

Drie gezichtspunten. De zonde van Sodom, het pleidooi van Abraham en het oordeel van God. Een oordeel dat bevrijdend is voor de slachtoffers, maar verwoestend voor de daders. Dan weer zullen wij op de ene stoel zitten, dan weer op de andere. Soms zijn wij de daders, soms de slachtoffers, soms de pleitbezorgers en we moeten zelfs soms een rechtvaardig oordeel vellen. En steeds mag ons dan weer voor ogen staan, dat God zelf die éne rechtvaardige mens schenkt. Jezus Christus, die het oordeel op zich neemt, die de rechtvaardigheid voorleeft, en die bij God voor ons pleit. Want God wil geen vernietiging, Hij wil het leven.
Amen.

terug

Agenda

Hagha

28 nov 2021 om 9.30

Moetsje en Ferbine

03 dec 2021 om 9.30

Website

Samen maken we de website en onze Facebookpagina up-to-date en levendig!
Daar hebben we hebben we jullie inbreng bij nodig. Heeft u/ heb jij een bericht voor deze website? Een mooie foto, of moet er iets gewijzigd worden?
Stuur dan je bericht in een mail naar: websitepknheeg@gmail.com